Zorgen over sterk groeiend autobezit

Het autobezit groeit in Nederland sterk. Kilometerheffing zal het autobezit goedkoper en dus aantrekkelijker maken. Wat tot meer parkeerproblemen zal leiden.

Constant gebruik van de auto

Het gebruik van de auto is in Nederland al vele decennia heel constant. Elke auto rijdt gemiddeld 15.000 tot 16.000 kilometer per jaar. De trend is sinds 1960 duidelijk zichtbaar toen ook het autobezit gewoner begon te worden. De auto was destijds nog een luxe. Niet iedereen kon zich een auto veroorloven.

Verhouding rijbewijs-/autobezit nadert 1

In de de 21ste eeuw hebben bijna alle 18-plussers een rijbewijs. En steeds vaker hebben zij persoonlijk een auto tot hun beschikking. De verhouding rijbewijs/auto zal verder groeien naar 1 (was vroeger ooit 0,5).
In de VS zijn er als jaren meer auto's dan rijbewijzen. Gemiddeld heeft elke Amerikaan minstens één auto, vaak meer.
In Nederland zal ook die kant op gaan. Dit proces zal versneld worden als de kosten van het bezit worden verlaagd.

Autobezit wordt goedkoper

De auto wordt in toekomt goedkoper ter compensatie van de in te voeren kilometerheffing. Bij elkaar zal autorijden duurder worden (politicy zijn op dit punt onbetrouwbaar gebleken). Maar het autobezit zal véél goedkoper worden.
Op verzoek van de politiek worden de "bezits-belastingen" BMP en wegenbelasting tenminste verlaagd of zelfs afgeschaft. Hierdoor wordt het autoeigendom naar grove schatting ca. 40% goedkoper (met name t.g.v. BMP).

Het lijkt erop dat de politicy onderschatten welk een effect dat heeft op het autobezit. En nog meer het totale autogebruik gaan onderschatten. In de volgende paragraven wordt daar op ingegaan.

Samengevat: het autobezit (aankoop en bezit gedurende de jaren) wordt naar schatting 40% goedkoper. Dit wordt veroorzaakt door de verlaging van BMP en Wegenbelasting. Hoe zal de potentiële en huidige autobezitter daarop reageren?

Economisch bekeken: autogebruik is inelastisch

Economen hebben de afgelopen decenia meermaals kunnen vaststellen: "De automobilist zo goed als ongevoelig voor prijsveranderingen in de kosten van het autogebruik. Zoals helemaal bovenaan beschreven; elke auto in NL rijdt per jaar gemiddeld 15.000 - 16.000 km. Dit getal is ruim 40 jaar (zolang er grootschalig autobezit is) zeer constant.
Dat mag verbazen! De overheid heeft immers de kostprijs per kilometer de afgelopen jaren flink opgevoerd. Denk aan de BPM, de wegenbelasting (met sprongen opgevoerd), de snelheidscontroles, meer files, parkeerkosten en het "kwartje van Kok".
En? Het maakt allemaal niets uit op de gereden kilometers per auto. Die blijft hetzelfde. De automobilist is ongevoelig voor prijsveranderingen!

Hoeveel auto's zijn er dan?

Thans zijn in Nederland circa 6,8 miljoen auto's (stand mei 2001). De verwachting is dat dit aantal zal groeien naar 8 miljoen in het jaar 2010. Onderzoeken wijzen uit dat de auto gemiddeld 23 uur per dag stil staat. De rijdende auto alsmede de rustende auto zal de komende jaren extra aandacht behoeven van beleidsmakers, ontwerpers en uitvoerders om het auto en dus ook parkeerprobleem op een aanvaardbaar niveau te houden. De files zijn nu al vervelend. De meeste steden kennen een zogenaamd restrictief auto beleid ("autootje pesten").

Hoe gaat het in Amerika

In de verenigde staten loopt men ongeveer 20 jaar voor op Nederland. Gelukkig gaan niet alle problemen die de Amerikanen hebben ook naar Nederland komen. Maar een paar lijken steeds moeilijker te vermijden. In Amerika Zijn er ongeveer net zoveel auto's als rijbewijzen. Nederland loopt hierop achter, maar van een afbuigende trend kan nog niet geconstateerd worden. Verder zijn de problemen in Amerika met de autobereikbaarheid zo problematisch dat het de ruimtelijke ordening beïnvloed. De onbereikbaarheid van de stadscentra leiden ertoe dat autoëigenaren deze gaan verlaten. Ook winkels en kantoren zoeken hun heil buiten de centra. In Nederland onmiskenbaar terugvindbaar in de Zuid-as. Daar zijn/worden de nieuwe kantoren van de ABN Amro en ING gevestigd. Beiden hebben hun kantoren in het centrum ontruimt. Ook komen er steeds meer winkels en avondvertier aan de rand bij zoals centrum rond de Arena.

De linkse en groene partijen zijn een voorstander van het "ont-statussen" van het (dure) centrum. Bijvoorbeeld door het wegverkeer steeds meer hindernissen te geven. Hierdoor zal de huiswaarde zakken richting redelijkere waarden, doordat gefortuneerde bewoners alternatieven gaan zoeken. In feite is dit ruil van van de meer gefortuneerde bewoners tegen minder gefortuneerde bewoners. Als deze stroom eenmaal op gang komt, moet je uitkijken dat je deze op tijd kan temperen. Verpaupering van stadsdelen blijkt moeilijk te sturen.
In Amerika laat met de marktwerking meer haar eigen gang gaan. Daar zijn de downtowns van grote steden vaak verpauperd. De werkenden gingen -net zoals de kantoren- aan de rand van de stad zitten. Veel grote steden hebben juist daardoor een verpaupert centrum en goed ontwikkelde randsteden. Amerika ligt qua autobezit zeker 20 jaar voor op ons.

Wat is reeds zichtbaar in NL?

Als je naar NL kijkt, moet je toch dingen herkennen vanuit de VS. Waar staan de hoofdkantoren van grote bedrijven? Neem bijvoorbeeld: ABN Amro, Ballast Nedam, ING, Interpay, Philips, vele Consultants en accountantbedrijven. De bedrijven staan alle aan de rand van een grote stad. En dat pas sinds de laatste jaren. Fortis(Amev), KLM en RWS Bouwdienst gingen hen voor.
Daarnaast gaan grote winkels ook liever aan de rand van de stad staan. De zogenaamde weidewinkels (in VS heel gewoon) zijn hier niet toegestaan. Desondanks staan alle IKEA's, meubel- en autoboulevards aan de rand van de stad.
Als je het fileproblemen rond het centrum van de de steden erbijtelt, ben je al bijna. En dit artikel ging over de zorg de stad verder te verstoppen met auto's die ook allemaal een parkeerplaats nodig hebben. Zeker ook in de delen waar de goedkopere huizen dicht op elkaar zijn gebouwd. Dat zijn ook de delen met nu nog een relatief lage rijbewijs/auto verhouding.

Daar maar ik mij toch wel een beetje zorgen over. Ter troost: gelukkig heb ik een baan en kan het mij veroorloven om naar de rand van de stad te verhuizen. Maar dat neemt mijn zorgen nog niet weg voor de leefbaarheid van het stadscentrum waar ik nu in woon.

juli 2004
Joos Lambrechtsen
Utrecht